

![]() |
|





![]() | ... |
deze link werkt niet in alle browsers, mac: gebruik firefox, pc: internet explorer, anders: lowres preview vlak onder de flyers
![]() | |
![]() |
|
![]() |
![]() |
![]() |

![]() |
![]() |
|
|
![]() |
|
|
|
|
![]() |
http://kratiband.wordpress.com/
Krati bio
| ||
Het was nooit de bedoeling van Lander en Sarah om postrock te brengen wanneer ze in 2004 beslissen in een haastig bijeengeraapte band te stappen. Nuja, een band… Verder dan het Gentse repetitielokaal zou hun 'project' nooit geraken. Lander en Sarah kennen elkaar hoegenaamd niet en hebben in de verste verte niet door dat ze later de hoeksteen van Krati zullen vormen. Wanneer het gezelschap uit elkaar valt en naast Lander en Sarah enkel een drummer overblijft, ontstaat Three Chairs Left. Echt serieus nemen ze zichzelf en die naam niet.
Het wordt nog minder serieus wanneer ook de drummer er de brui aan geeft. Het duo volhardt en blijft samen muziek maken. Tegen 2005 komt er dan toch wat eenvormigheid in de muzikale excursies en vult zachte elektronica de gitaar van Lander en de viool van Sarah passend aan.
Alles verandert wanneer met Lieze zich in 2006 een tweede violiste aansluit. Het trio begint zichzelf 'ambitieus' te noemen en verkent de mogelijkheden van de melancholische gitaarlijnen van Lander en de opvallende viooltoetsen van de dames. De blauwdruk van enkele Krati-nummers ontstaat, al zou die naam pas even later opduiken. Die komt er namelijk wanneer Hans de band op bas komt versterken. Het kind moet een naam hebben en laat Krati nu net het eerste woord zijn dat Lander ooit uit zijn mond kreeg.
Krati is nu een viertal en kan best een extra gitarist gebruiken. De geknipte man wordt Pieterjan, die meteen op dezelfde golflengte zit en de groep met zijn enthousiasme rijker maakt. We zijn april 2007 en Krati heeft nog nooit op een podium gestaan. Wanneer ze een half jaar later geselecteerd worden voor het Oost-Vlaams Rockconcours groeit het besef dat een drummer wel eens handig zou zijn. Alle drumpartijen werden voordien door Lander ingespeeld en die ziet het niet zitten om live gitaar en drums te combineren. Redder in nood wordt Kawiel, vriend van Sarah, maar erg snel haakt hij af. Krati schopt het tot de halve finale en moet snel op zoek naar een nieuwe drummer. Een zestal audities later zit de groep met de handen in het haar. Maar plots is daar Florian, de deus ex machina die de juiste man blijkt om de drumvellen te beroeren. ‘Postrock’ luidt het verdict van de jury. De naam is gevallen.
Intussen gaat Krati van optreden naar optreden op gezellige festivals en in donkere jeugdhuizen. Een eerste demo komt er begin 2008, een betere, tweede demo volgt in augustus 2008.
Neen, Krati heeft geen zanger, zoals dat bij postrock wel eens het geval is. Toch heeft het een frontman want gitarist Lander, alias Kapitein Krati, bedenkt de structuur van de songs. Tijdens de repetities in een minuscule kelder in Merelbeke worden de nummers door de gehele band gepolijst. Muzikaal sluit de Gentse band zich aan bij groepen als Explosions In The Sky, Mogwai en Mono, waarbij vooral de violen voor een fikse dosis eigenheid zorgen. Melancholie, mysterie, dreiging en hoop; het maakt allemaal deel uit van de Krati-sfeer.
Wie = Wie?
Krati bestaat uit zes enthousiastelingen, allen uit Gent en omstreken. Behalve Lander en Florian spelen de leden van Krati ook nog in andere bands. Een overzichtje... Lander Van Wassenhove: gitaar. Sarah Vlerick: viool. Speelt ook nog in Les Triangles én in Monday Meadows. Lieze Van Herzeele: viool. Speelt ook nog in Les Triangles. Hans Debucquoy: basgitaar. Speelt ook nog in Monday Meadows. Pieterjan Van den Berghe: gitaar. Speelt ook nog in Little Elmo én in Mary & Me. Florian Delbecque: drums. |
![]() |
Sigur Rós bovenaan de affiche van onze twee grootste muziekfestivals, Motek die even de Afrekening aanvoert: België houdt van postrock, hoewel het genre er elke dag een ander gedaante blijkt bij te krijgen. Krati weert de electronica en gaat voor de atmosferisch meanderende composities. Voor dit zestal is 2008 het jaar van de stroomversnelling en dit dankzij de deelname aan het Popfolio-project, een muzikale dating service waarin talent uit alle ondersteunende disciplines van de sector voor enkele maanden de liefde mocht bedrijven met de groep. Net voor de vrucht van al deze lenden op de wereld losgelaten werd, duwde ik Lander en Sarah nog even de dictafoon onder de neus.
Daar komt het op aan: je moet het voelen!
We zijn aan het eind van de zomer van 2008. Hoe gaat het met Krati?
Lander: Het gaat er eigenlijk heel druk aan toe. Via Popfolio hebben wij veel extra zaken op het programma staan; enerzijds activiteiten specifiek daarvoor, anderzijds hebben we zo ook wat meer optredens achter de rug. Die extra optredens vergen natuurlijk ook extra repetities en extra voorbereidingswerk.
Sarah: We merken dat, sinds we werken met de volle bezetting die we nu hebben, we stilaan op gang gekomen zijn. Nu begint de bal echt te rollen. De eerste maanden was het opwarmen, maar nu merken we dat de optredens steeds sneller komen en dat we meer en meer willen. Ook elk op zich, wat voor enkele meningsverschillen kan zorgen, maar ook helpt om als groep een geheel te worden.
Julli zijn heel intens bezig geweest met het Popfolio-project. Heeft dat geholpen om een betere visie op Krati te krijgen dan voorheen?
Lander: Dat nu niet direct, maar het brengt natuurlijk wel bepaalde zaken in een stroomversnelling. Popfolio heeft ervoor gezorgd dat de demo-opname eindelijk in gang gestoken is, wat uiteindelijk iets is waar we al een half jaar lang over spraken. Dat kwam er maar niet van: altijd iets anders te doen, geen tijd, geen studio voor handen, ... Nu moest het gewoon gebeuren en het is natuurlijk fantastisch dat het er toch van komt. Het bracht dus niet echt vooruitgang in de groep, maar de team spirit veranderde wel. Je kent mekaar nu weer wat beter via optredens en repetities maar ook door iets als de fotosessie, wat wij nog niet echt gedaan hadden. Je weet dat je op elkaar kan steunen daarbij en op elkaar kan terugvallen.
De demo is nu in volle productie?
Sarah: Begin juni hadden we opnames gedaan, maar daar hadden we ons toch wat aan mispakt. We hadden alle stemmen apart opgenomen, wat de muzikaliteit niet ten goede bleek te komen. Daarmee waren we niet tevreden met als gevolg dat de jongens vorige week alles nog eens opnieuw tesamen opgenomen hebben. Dat weten we door deze ervaring dus ook: bij ons moet je niet alle sporen apart gaan opnemen. Zo werkt het niet. Bij de muziek die wij spelen, zijn de kleine nuances heel belangrijk. Vanavond gaan we de violen wel nog apart opnemen, maar het is al heel belangrijk dat de basis er is.
Lander: We proberen alles zelf te doen, maar in dit geval was het een ongelooflijk gepuzzel waarbij alles in eerste instantie niet volledig tot zijn recht kwam. Het klonk maar wat plattekes.
Sarah: Het zijn geen popsongs die we maken. Er zijn veel tempowissels en die dynamiek kan je via afzonderlijke opnames niet weergeven.
Lander: Bij de laatste opnames hebben we met aparte microfoons gewerkt, maar wel tesamen gespeeld. Daarbij hebben we nog wel verschillende opnames gemaakt, maar je hoort duidelijk dat de vijfde take beter klinkt dan de eerste. Er zit vooruitgang in door een constant zoeken naar subtiele afwerkingen waar we op een repetitie niet altijd aandacht voor hebben.
Gaat er een verschil zijn tussen de nummers op de demo en de nummers die je hoort op een optreden?
Sarah: Zeker wel.
Lander: Qua structuur van de nummers niet, maar live blijft het wel iets steviger klinken dan op plaat. Dat was ook het probleem bij vorige opnames. Dat bleef dat beetje plattekes en daar komt het net op aan: je moet het voelen! Nu proberen we het live-gevoel beter weer te geven door in één take in te spelen.
Er is een tijdje sprake geweest om uiteindelijk een externe producent aan te trekken.
Lander: Het is uiteindelijk toch Pieterjan die alles mixt, dus het blijft in de groep. Er was eerst sprake van Toman om te mixen; later is Joeri Van Huffel (Tram/Braakland) genoemd, maar een overlapping in de agenda ontbrak. Ik denk dat we in de toekomst wel nog eens een studio gaan afhuren om dat alsnog te doen.
Sarah: Sowieso is het wel handig om iemand te hebben die er buiten staat. Kritiek wordt in een groep wel eens persoonlijk opgenomen, terwijl dat absoluut niet de bedoeling is.
Waarschijnlijk is het in dit geval ook moeilijker om te zeggen wanneer iets af is.
Lander: Eigenlijk wel. Het is interessant om ergens een externe kijk op te hebben, dat hebben we tot nu toe nog niet gehad.
We zijn niet de band die postrock uitgevonden heeft
Jullie kregen een jaar geleden het etiket ‘postrock’ opgeplakt. Zijn jullie daar eigenlijk blij mee?
Lander: Ik denk niet dat er iemand van ons bewust nastreeft om postrock te maken of dat we echt in dat genre willen passen, maar tegenwoordig val je al gauw in dat laatje als je iets anders dan rock maakt.
Sarah: Postrock is zeer breed, maar heeft ook wel wat kenmerken van wat wij brengen: de dynamiek, de sfeer, het instrumentale, ... Dat kan je natuurlijk weer niet gaan veralgemenen. De ene postrockgroep is ook heel wat commerciëler dan de andere. Op zich vind ik het alleszins niet verkeerd.
Jullie zijn er ook niet tegen om een label opgeplakt te krijgen?
Lander: Mij maakt dat eigenlijk niet uit.
Sarah: Om mensen te ‘lokken’ is dat ook wel interessant. Als je reclame maakt, moet je ergens een richting geven en wie van postrock houdt, is wel sneller geneigd om ook van Krati te houden.
Lander: We merken wel dat optredens anders overkomen bij een publiek dat niet gewend is om postrock te horen. Ze zijn sneller verwonderd. Toch voelen we ons niet beperkt door het label, want het is een zeer brede noemer: er kan electronica in verwerkt zitten, maar even goed kan de nadruk meer op klassieke instrumenten liggen.
Sarah: Ik vertelde mensen altijd eerst dat ik in een experimentele groep speel. Dat is nog iets breder: je doet iets anders dan het merendeel van de commerciële wereld. Maar anderzijds: wat is experimenteel? Dat kan ook vanalles zijn.
Anderzijds worden jullie ook vaak met Sigur Rós vergeleken.
Lander: Eerlijk gezegd: ik zie de link niet direct. Er zijn dezelfde instrumenten en misschien is het gemakkelijk omdat postrock ondanks de populariteit toch niet echt gekend is. Als je zegt dat je postrock speelt en men kent dat niet, dan moet je een aantal namen noemen. Mogwai kennen ze vaak ook niet, Explosions In The Sky evenmin en Do Make Say Think al helemaal niet. Wat moet je dan zeggen? Ze kennen misschien Sigur Rós en in België Motek, hoewel ik niet denk dat we op dezelfde lijn zitten als die bands.
Als je niet moet kijken naar bekendheid, met welke groepen willen jullie jullie liever vereenzelvigen?
Sarah: A Silver Mount Zion herken ik wel qua sfeer, een beetje donker enzo. Iedereen luistert natuurlijk wel naar die groepen, dus het is logisch dat we ermee vertrouwd zijn.
Lander: Wij zijn ook niet de band die postrock uitgevonden heeft, dus het is wel evident dat we alle referenties er wat in verwerkt krijgen, eerder onbewust dan bewust natuurlijk. Maar als Sara op het conservatorium jazz speelt, is dat een invloed die zonder er bij stil te staan ook binnendringt. De violen brengen dan weer een klassieker element, maar er zitten even goed metalinvloeden in. In zekere zin is postrock een mengsel van verschillende genres. Er zullen misschien wel stukjes Sigur Rós, Mogwai of Godspeed You! Black Emperor inzitten, maar het is zeker niet zo dat we een nummer in hun stijl willen opnemen.
Sarah: Bij ‘Sfera’ kan je wel het ritmespel van bijvoorbeeld een Do Make Say Think horen. Het is zeker niet onze bedoeling om iets na te apen, maar soms valt dat wel eens voor.
Iedereen komt uit verschillende invloedssferen en de meesten spelen in meerdere groepen die in heel andere genres actief zijn. Is het niet moeilijk om zo naar een eenduidig resultaat te werken?
Lander: Zeker wel.
Sarah: Het vergt zijn tijd he.
Lander: We hebben twee verschillende manieren van werken. ‘Sfera’ is begonnen in de kelder van “he, we gaan iets maken”. Andere nummers zijn gemaakt via een structuur die op gitaar gecreëerd is en dan krijg je een ander resultaat.
Sara: Het merendeel van de nummers wordt door Pieterjan of Lander aangebracht, maar daar komt dan een hele samenwerking bij.
Lander: Eens experimenteren is wel leuk, maar het duurt lang en is vaak een kwestie van geluk. Het is toch aangewezen om ergens met een kapstok te kunnen vertrekken, waarin iedereen de lijn van zijn eigen intrument kan plaatsen.
Sarah: Iedereen krijgt daar ook de ruimte voor, wat ik zeker een troef van Krati vindt. Er kan ook gezegd worden wanneer het niet goed klinkt.
Je beschrijft het nu als een heel gestructureerd proces, maar ik vind net dat de nummers heel organisch klinken.
Lander: Ik denk dat dat is omdat we met zoveel muzikanten zijn. De eerste nummers zaten propvol, maar nu proberen we ernaar te streven dat iedereen zijn speelruimte krijgt binnen die structuur, waardoor het organisch gaat klinken. Ook de combinatie van instrumenten zorgt daarvoor: wanneer de viool bijvoorbeeld lange klanken speelt, zorgt de gitaar voor korte. Zo haakt het allemaal in elkaar en leeft het.
Sarah: Er is ook niet één solo-instrument. Er is wel een ritmesectie, maar dat wil niet zeggen dat we constant in een melodie spelen. Door de afwisseling blijft het boeiend.
Lander: Postrock werkt ook niet met afgelijnde strofes en refreinen, waardoor het sneller zweverig of organisch wordt.
Sarah: De opbouw is bij ons zeer belangrijk. Je kan van weinig naar veel gaan en omgekeerd en dat met de juiste doseringen. Daardoor kan het ook veel tijd in beslag nemen.
Werken jullie gemiddeld gedurende een lange periode aan een nummer of eerder intensief op een korte termijn?
Lander: Bij bepaalde nummers gaat dat rap, maar dan moet de structuur wel al op punt staan. Als iedereen daar meteen kan op inhaken, gaat het snel. Als je er nog maar flarden van hebt, zoals bij ‘Last Day Of Light’ en andere nummers uit het begin, dan duurt het wel lang. Ons laatste nummer, ‘September’, was bijvoorbeeld al opgestart in 2005, maar is nu pas klaar.
Sarah: Dat hebben we wel bewust laten liggen en later terug opgerakeld. We durven ook wel eens nummers te veranderen. ‘Nono’ hebben we bijvoorbeeld na één optreden helemaal omgegooid omdat we het niet goed vonden klinken. Je kan blijven aanpassen, hoewel je daar ook een grens moet in trekken natuurlijk.
Ben je dan niet bang om voor de demo nu nummers op te nemen die finaal klaar moeten zijn?
Lander: Ja, dat ervaar ik wel. Van bepaalde nummers vind ik nog steeds dat ze meer uitgewerkt moeten worden. Bij ‘September’, dat dan al vanaf 2005 in de maak is, ben ik op het laatste moment ook nog gitaar beginnen bijfoefelen, waardoor het uiteindelijk acht in plaats van vijf minuten lang is. Maar op een bepaald moment moet je ook van een voorlopige versie kunnen zeggen: “dit is het”. Je kan altijd oneindig veel dingen veranderen.
Muziek moet voor zichzelf kunnen spreken
Vormen de songs een hermetische muzikale wereld of kan er ook inspiratie geput worden uit film, kunst, ... ?
Lander: Voor mij eigenlijk wel. Meer dan vroeger eigenlijk. Dan zat ik eerder te tokkelen om te zien wat eruit kwam. Nu heb ik het wel gemakkelijker als ik iets zie van beeld of toevallig iets lees. De sfeer brengt bepaalde ideeën in je hoofd zonder dat je al te letterlijk iets gaat interpreteren. Zo ben ik nu bijvoorbeeld bezig aan een nummer dat gebaseerd is op de tekst van een theaterstuk.
Sarah: We hebben ooit eens geprobeerd om muziek te schrijven op een beeldcollage van een kermis. Ik vind het idee wel leuk van een beeld op te zetten en te zoeken wat daarbij zou kunnen passen, maar het lukt niet altijd.
Lander: Persoonlijk zou ik Krati graag zien in de filmwereld. Ik denk dat we daar met onze instrumenten ook naartoe kunnen gaan, dat we sfeer kunnen scheppen. We werken wel samen met iemand die beelden maakt op onze muziek, maar ik heb altijd het gevoel dat het beter omgekeerd zou zijn. Je voelt wel dat het een beetje wringt.
Misschien kan je als alternatieve omschrijving Krati beter beschrijven via link met regisseurs?
Lander: Voor mij zit er onvermijdelijk een beetje David Lynch in, maar ook iets van de spaghetti western, Morricone en zo.
Sarah: Bij ons eerste optreden kregen we dat ook te horen, wat wel fijn was.
Lander: Het zijn zeer uiteenlopende stijlen. Je kan even goed ook ‘Taxi Driver’ erbij plaatsen. Ik denk ook aan Wim Wenders.
Sarah: Of de gebroers Dardenne: de tragere, rauwe film.
Wil je met Krati die richting uit? Weg van de commerciële muziekscene, meer het multimediale tegemoet.
Lander: Ik persoonlijk wel.
Sarah: Ik ook eigenlijk, maar we hebben daar nog niet echt veel over gepraat.
Lander: Het vergt wel heel veel tijd. Als we ons willen bezig houden met performance of beeldmontage, zou je moeten samenwerken met mensen die daarvoor staan te springen. Maar kom dan maar eens aan de bak als klein groepje.
Jullie hebben allemaal ook andere projecten en combineren dit met studies of een job. Is het een ambitie om de groep te laten groeien en andere dingen te laten vallen?
Sarah: De eeuwige vraag ...
Lander: Nu zitten we natuurlijk nog altijd in de fase dat het perfect combineerbaar is.
Sarah: Het brengt natuurlijk wel strubbelingen mee dat de ene meer tijd wil opofferen dan de ander, maar dat bekijken we wel zeker?
Lander: Als je samen muziek wil maken, is er eigenlijk tijd te kort. In het stadium waarin we nu zitten lukt dat wel, maar we gaan sowieso meer dagen moeten kunnen inlassen. Daar komen dan ook optredens bij, dus ja ... We moeten nu de stap zetten: ofwel doorgroeien en er volop voor gaan, ofwel Krati anders organiseren. Dat zal iets zijn voor het volgende gesprek.
Postrock wordt ook altijd commerciëler. Heb je geen schrik dat jullie toegevingen gaan moeten doen op dat vlak als Krati groter wordt?
Lander: Ik denk het niet. Hoe groter je wordt, hoe meer je je ook kan permitteren.
Sarah: Alhoewel, bij Motek voel ik wel dat ze niet meer hetzelfde zijn dan in het begin. Ik vind het gevaarlijk om je aan te passen aan het publiek.
Lander: Ik denk niet dat wij daar echt naar werken. Sommigen willen zang in de groep, maar ik sta daar niet voor te springen. Dat maakt het toegankelijker, want je ziet plots het verhaal. Ik denk dat muziek eerder voor zichzelf moet kunnen spreken.
Waarschijnlijk is er ook geen éénduidig verhaal achter de nummers.
Lander: Neen, en daarom was het ook moeilijk om er beeld op te plakken. Iedereen ziet er steeds iets anders in en je kan niet iemands verhaal afpakken.
Sarah: Daarom vind ik ook dat de beelden niet te concreet mogen zijn, anders nemen ze dingen weg die je erin had kunnen zien.
Lander: Dat is ook het probleem als je er teksten op gaat schrijven: je neemt die abstractie weg.
Sarah: Anderzijds, Sigur Ros werkt bijna altijd in een onverstaanbare taal. Het is de zang op zich die het hem doet.
Lander: Met zang kan je ook al gemakkelijker naar de opeenvolging van strofe en refrein werken.
Wat zijn de kortetermijnplannen van Krati?
Lander: Ik hoop verder omhoog. Meer spelen, meer repeteren, meer nummers maken.
Sarah: We hebben nu wat overal gespeeld, ook in jeugdhuizen en zo. Dat vind ik persoonlijk niet de juiste plaats voor ons, dus misschien moeten we daar nu op zoek naar gaan. Ik denk dat we het ons nu al meer kunnen veroorloven om een goede locatie te kiezen of zelf wat te organiseren.
Lander: We hebben ook nooit actief naar optredens gezocht, of toch niet volgens een of andere strategie. Met de demo hopen we dat wel te doen. Nu, ik vind het wel tof dat we dat allemaal gedaan hebben, in een café spelen waar niet iedereen op het podium kan en zo.
Liefst geen cafés of jeugdhuizen dus, maar waar dan wel?
Lander: Ik denk dat dat onvermijdelijk de grotere podia zijn. Ik denk dat we het best tot ons recht komen in een kleine club, een theaterzaaltje of culturele centra. Jeugdhuizen ook, maar niet als er een metalgroep voor of na ons speelt. Een andere ambitie die we niet meer koesteren zijn rockconcours. We hebben daar al aan meegedaan en zijn eigenlijk verder geraakt dan we zelf gedacht hadden. Maar je voelt dat dat niet voor ons is.
Jullie sluiten eigenlijk meer aan bij het internationale circuit. Is dat iets waar je concreet werk wil van maken?
Lander: Absoluut. We hebben bijvoorbeeld heel wat Japanse vriendjes op Myspace. Dat is natuurlijk geen referentie over wie onze fans zijn, maar het is wel een indicatie. Het hoeft niet de andere kant van de wereld te zijn; het moet natuurlijk haalbaar blijven. Sowieso, momenteel met alle digitale vooruitgang sta je er niet meer bij stil wat de mogelijkheden zijn. Vroeger had een Japanner nooit je demootje kunnen beluisteren en moest je het eerst maken in je regio om de wijde wereld in de trekken. Kijk nu naar Styrofoam; die zijn ook redelijk groot in het buitenland en in België redelijk onbekend.
Als slotvraag: de Marquee afsluiten van Werchter of de soundtrack van de nieuwste Lynch inspelen?
Samen: Lynch!
Lander: Het toeval zou anders willen dat Sigur Ros dan net op de main stage staat en al het volk daarheen trekt.
... Of Metallica die jullie onhoorbaar maakt. Danku Krati!
Krati bio
| ||
It was never the intention of Lander and Sarah to write post-rock when they decided to join a hastily created band in 2004. Well, a band … Their ‘project’ actually would never leave the rehearsal room in Ghent. Lander and Sarah did not know each other at all and had no idea that they would lay out the foundation of Krati. When the group was disbanded and Lander and Sarah were left behind with only a drummer by their side, Three Chairs Left was formed, though they did not take that name nor theirselves seriously.
It gets even worse when also the drummer calls it quits. The duo does not give up and keeps making music together. By 2005 their musical excursions finally get some uniformity as Lander’s soft electronica fittingly completes Sarah’s violin.
Everything changes when Lieze joins in 2006 as a second violin player. The threesome starts calling themselves ambitious and explores the possibilities of Lander’s melancholic guitar chords and the remarkable violin accents added by the ladies. The blueprints of some of the Krati-songs is laid down, though the name has yet to see the light of day. This happens when Hans reinforces the band on bass. A name has yet to be picked and was found with the first word Lander ever uttered: Krati.
Krati now is a quartet and could use an extra guitarist. The perfect man for the job goes by the name of Pieterjan, who was immediately on the same track as his fellow bandmates. The date is April 2007 and Krati has yet to make their on-stage debut. When a half year later they are selected for the East-Flemish Rock Rally they realize that a drummer might come in handy. Previously, Lander recorded the drums himself but live it would be hard to combine this with the guitar playing. Saviour is found in Kawiel, a friend of Sarah, but he leaves the band after a short while. Meanwhile, Krati makes it to the semi-finals of the rock rally and has to find a replacement for Kawiel urgently. Suddenly Florian makes his entrance; the deus ex machina who appears to be the right man to slam the drumheads. The judges label it ‘postrock’, a genre is selected for Krati.
In the mean time, Krati travels from gig to gig on cozy festival stages and in gloomy youth clubs. A first demo is recorded at the beginning of 2008, a second one is to follow in August.
No, Krati does not have a vocalist, as in most post-rock ensembles. It does have a lead as guitarist Lander, aka Captain Krati, comes up with the structures for the songs. During the repetitions in a tiny basement in Merelbeke, the songs are then further polished by the entire band. The result can be linked to Explosions In The Sky, Mogwai and Mono, but nevertheless has a unique sound, mostly thanks to the violins. Melancholy, mystery, threat and hope: it’s all part of the Krati-atmosphere.
A who’s who
Krati consists of six enthusiastic musicians, all originating from Ghent and the surrounding area. Except for Lander, all the members also play in other bands. An overview: Lander Van Wassenhove: guitar. Sarah Vlerick: violin. Also plays in Les Triangles and in Monday Meadows. Lieze Van Herzeele: violin. Also plays in Les Triangles. Hans Debucquoy: bass. Also plays in Monday Meadows. Pieterjan Van den Berghe: guitar. Also plays in in Little Elmo and in Mary & Me. Florian Delbecque: drums. |
![]() |
























